Een bijzondere toevalvondst

Eind vorig jaar werd bij werkzaamheden aan de riolering net buiten de Graauwse poort aan de kant van de Zoutestraat een fors stuk blauwzwarte zandsteen aangetroffen. Het bleek al snel een fragment van een laatmiddeleeuwse grafzerk te zijn. Het bijzondere eraan was dat het niet een gebroken stuk was, maar dat het keurig van de rechter bovenhoek van de zerk  was afgezaagd, zodat een rechthoekige driehoek met een lange en een korte zijde was ontstaan. De afbeelding van de evangelist Mattheus  in het medaillon en de restanten van de randteksten waren niet of nauwelijks afgesleten, zodat geconcludeerd mocht worden dat de oorspronkelijke zerk wel niet ergens “in de loop” zou hebben gelegen. WAH-lid Gerry van Eeden deed bij twee deskundigen navraag  en niet zonder succes. Om te beginnen was voor archivaris Antoine Prinsen het “ontcijferen”  geen enkel probleem. Het betrof de woorden Adriaen Janssen, Corn(elis) en Mei. De eveneens geraadpleegde Pater Brand  vulde dit nog aan met het gegeven dat deze Adriaen wel eens de jongere broer geweest zou kunnen zijn van Cornelis Jansen, beter bekend als Cornelius Jansenius.  Deze bekende Hulstenaar was van 1568 tot 1576 bisschop van Gent.  Broer Adriaen werd in 1513 of 1514 geboren en was barbier zoals ook vader Cornelius barbier en chirurgijn in Hulst was geweest. Hij was ook een tijdlang stadsbode en drie maal schepen. Hij stierf in 1585 of 1586. Hun beider vader heette dus ook Cornelis en het tekentje op de steen tussen de namen Janssen en Corn zou “zoon van” moeten betekenen. Bijzonder interessant waren ook de beschadigingen aan de twee zijden van de schuine kant van de steen. Die wezen er op dat het afgezaagde stuk (her)gebruikt was als schampsteen. In de tijd dat alle vervoer nog met paard en wagen plaats vond werden vaak die geplaatst op hoeken van gebouwen, poorten en inritten om er voor te zorgen dat de uitstekende wielassen, ook wel wielbossen genaamd, bij het omgaan van de bocht het metselwerk niet zouden beschadigen. Gezien de vindplaats van de steen was het verleidelijk te veronderstellen dat hij deze functie had gehad op een van de hoeken van de stadspoort. Met het verdwijnen van karren en koetsen uit het straatbeeld zou hij als overbodig zijnde afgedankt en onder de grond gestopt  kunnen zijn.

Bestudering van de foto’s van de Graauwse poort uit de collectie van dhr. E. Taalman leverde echter niets op dat hier op wees. Dus het blijft dus voorlopig  onbekend waar dit stuk steen ooit als schampsteen heeft gefunctioneerd en ook of er ooit meerdere exemplaren zijn geweest. Want van de oorspronkelijke zerk zouden voor hetzelfde doel op dezelfde manier  wellicht nog drie hoeken afgezaagd kunnen zijn. Bovendien rijst de vraag wanneer en waarom de zerk van een niet onbelangrijk persoon als Adriaen uit de basiliek verwijderd zou zijn. Dit zou bij de restauratiewerken in de jaren 1931 – 1935 gebeurd kunnen zijn, maar natuurlijk ook eerder. Met de zerk van de ouders van Adriaen en Cornelis is eerbiediger omgesprongen. Die is in een muur van de kerk ingemetseld.  De WAH zal er in elk geval voor pleiten deze bijzondere toevalvondst  ook een waardig plaatsje te bezorgen.



Mark Zwartelé

Werkgroep Archeologie Hulst


    Adriaen            Janssen            Zoon van Corne…

Bij de foto's:

1.Het fragment van de grafsteen

2, 3 en 4. De naam van Adriaen Janssen op de steen

5. Hoekversiering (een lezende engel)